Debat: Geboorte van het extremistische Europa

Islamitische overheersing, het schrikbeeld van extreemrechtse partijen.
Islamitische overheersing, het schrikbeeld van extreemrechtse partijen.
5 oktober 2010 – Newsweek (New York)

Nationalisten en anti-immigranten partijen worden steeds meer onderdeel van de heersende politieke stromingen in Europa, en zelfs van oudsher centrumpartijen proberen mee te doen, zegt het Britse parlementslid (Labour) en oudminister van Europese Zaken, Denis McShane.

Zweden heeft getoond welke richting van Europa op gaat, en niet voor de eerste keer. Tientallen jaren liep Zweden voorop in het gemengde model van vrije handel en sociale solidariteit dat het Europese ideaal werd. Maar nu niet meer. In de verkiezingen van afgelopen maand voegden de Zweden zich bij hun minder succesvolle EU-buren en keerden de traditionele politiek de rug toe.

Nu hebben zelfs de solide Zweden een blok van politici met maar een agendapunt in het parlement, politici die geobsedeerd zijn door het waargenomen verlies van nationale identiteit en boos op immigranten die naar verluid de Zweedse identiteit bedreigen. Vandaar de komst van een nieuwe politiek in Europa. Tien jaar geleden was politiek extremisme gerommel in de marge. Nu is het daar als parlementaire macht en begint het gedrag en de manier van spreken van andere partijen te veranderen.

Niet langer een gemeenschappelijke dreiging

Het Europa van na de Muur hoeft niet langer het hoofd te bieden aan een overeengekomen gemeenschappelijke dreiging. Zonder de afspraak dat de Atlantische alliantie de allergrootste prioriteit heeft, heeft de politiek geen houvast meer. De ‘gemeenschapspolitiek’ vervangt de ‘maatschappijpolitiek’. Degenen die hun nationale ellende toeschrijven aan immigranten – of kernenergie, de EU, de moslims, de markteconomie of de VS – verenigen zich in nieuwe politieke groeperingen, die allemaal schadelijk zijn voor de maatschappij. Een maatschappij regeren vergt compromissen en een keuze in prioriteiten. De leidende impuls van de nieuwe identiteitspolitiek in Europa is om “Nee!” te roepen.

Het verval van de regerende centrumpartijen wordt overhaast door de Europese kiesstelsels gebaseerd op proportionele vertegenwoordiging, waardoor zelfs kleine partijtjes zetels kunnen krijgen. Zo kan er geen coherent leiderschap ontstaan. Bij recente verkiezingen op basis van proportionele vertegenwoordiging werd de opkomst van nationalistische en anti-immigrantenpartijen duidelijk zichtbaar. Sommige, zoals de Hongaarse Jobbik, zijn antisemitisch. De nationalistische rechtervleugel in Oost-Europa tracht de holocaust te bagatelliseren door de misdaden van het Europese communisme te vergelijken met de geïndustrialiseerde uitroeiing van Joden in de Naziconcentratiekampen.

's Werelds grootste democratische regio is nu de kweekplaats voor extreemrechtse politiek. De meest recente verkiezingsuitslagen zijn 11,9 procent in Frankrijk (Front National), 8,3 procent in Italië (Northern League), 15,5 procent in Nederland (Partij voor de Vrijheid van Geert Wilders), 28,9 procent in Zwitserland (Zwitserse Volkspartij), 16,7 procent in Hongarije (Jobbik) en 22,9 procent in Noorwegen (Progress Party). Er zijn ook grote extreemrechtse partijen in België, Letland, Slowakije en Slovenië. Dergelijke steun vermindert het regeringsmandaat van de traditionele partijen aanmerkelijk en holt het zelfvertrouwen van de eens dominante naoorlogse politieke formaties uit.

Op zoek naar een populistische boost

En deze nieuwe politiek valt ook niet te isoleren. In Frankrijk heeft president Sarkozy, op zoek naar een populistische boost voor zijn tanende politieke succes, een campagne gelanceerd van gedwongen uitzetting van de Romaminderheid. Zelfs de aanhangers van Sarkozy waren geschokt door de ruwe manier waarop een etnische minderheid bijeen werd gedreven voor deportatie. Een Europese commissaris, Viviane Reding, vergeleek de uitzetting met die van de Joden in de tweede wereldoorlog. De reactie was woede, maar het is duidelijk dat het spektakel van een centralist als Sarkozy die de grenzen opzoekt, een voorbode is van wat gaat komen.

Het verval van de regerende partijen ondermijnt het Europese project. De EU-elite in Brussel die zich een jaar of tien heeft opgewonden en opgevreten over de constitutie, heeft geen antwoord op het langzame uiteenvallen van nationale politieke partijen. Het project van een verenigd Europa vergt nationale partijen die kunnen steunen op een meerderheid, ook om grotere macht te verlenen aan de EU-elite, die zelf nog heel wat respect moet afdwingen. De naar binnen gerichte, in onderlinge strijd verwikkelde regerende klasse in Brussel reguleert een zwakke regionale economie die nu 23 miljoen werklozen telt, maar er is geen plan van aanpak.

Mooie kans voor extreemrechts

Het gebrek aan leiderschap van de EU vormt nog een mooie kans voor extreemrechts. In de jaren van sterke Europese groei, de jaren zestig, werden buitenlandse arbeiders gezien als een toegevoegde waarde voor de nationale economie. Nu, in een periode van economisch verval, worden ze beticht van het stelen van banen. En door de pas geopende grenzen van de EU is er een toevloed van buitenstaanders ontstaan. Rechtse partijen gaan landelijk tot de aanval over. En regionale gemeenschappen zoals Catalaanse, Vlaamse of Schotse nationalisten willen niet meer bij Spanje, België of het Verenigd Koninkrijk horen. De droom dat een gemeenschappelijk, Europees, economisch en sociaal liberalisme in de plaats zou komen van het oude atavisme van eigen-land-eerst- politiek, is op de lange baan geschoven.

Kiezers gericht op gemeenschap en identiteit maken een nieuwe politiek in Europa. Zij die denken dat het nieuwe populistische rechts de politiek terugbrengt naar vooroorlogs fascisme zijn te paniekzaaierig. De democratie van Europa blijft sterk, misschien juist te sterk, nu politieke partijen versplinteren en het geruis van concurrerende stemmen luider wordt. De mythe van ‘Eurabia’ of de overname van Europa door de moslims, is een mythe om dezelfde redenen. De meerderheid van Europa’s twintig miljoen moslims willen de levensstijl van de Europese middenklasse en hoewel ze in aantal groeien, zijn ze nergens hard op weg om meer te worden dan nog een kleine minderheidsgroep. Wat Europa nodig heeft, is zelfverzekerd leiderschap dat de versplinterende gemeenschappen kan scharen achter een visie die meer kan zeggen dan “nee”.

Factual or translation error? Tell us.