Spanje: In het voetspoor van IJsland

19 Mei 2011
El País Madrid

"Systeemfout", jongeren van het platform ¡Democracia Real Ya! demonstreren op 17 mei in de straten van Madrid.
"Systeemfout", jongeren van het platform ¡Democracia Real Ya! demonstreren op 17 mei in de straten van Madrid.

Lange tijd wachtten Spaanse jongeren hun kans af, maar nu maken zij zich sterk en organiseren zij zich massaal om hun onvrede te uiten ten opzichte van de economische crisis. De massale demonstraties van de afgelopen dagen, zouden gebaseerd zijn op Ijslandse beweging Stem van het Volk die in 2009 leidden tot de val van de regering van Ijsland.

Op een ochtend in oktober 2008 ging Hördur Torfason op weg naar het parlementsgebouw in IJsland, dat daar Althing wordt genoemd, in de hoofdstad Reykjavik. Destijds was de grootste bank van het land, Kaupthing, al failliet en het financiële systeem in IJsland lag plat. Torfason wist met behulp van zijn gitaar een microfoon te bemachtigen en stelde die beschikbaar aan mensen die hun ongenoegen wilden uiten over de ineenstorting van hun land. De zaterdag daarop trokken er tientallen mensen naar dezelfde plek, als gevolg van het initiatief van Torfason.

Dankzij al die zaterdagen dat de beweging Stem van het Volk mensen wist te mobiliseren, slaagden de IJslanders er in januari 2009 uiteindelijk in de IJslandse regering naar huis te sturen en nieuwe verkiezingen te eisen. Wat ze toen niet wisten is dat hun “stem van het volk" overgenomen zou worden door duizenden demonstranten die op zondag 15 mei in vele Spaanse steden de straat op gingen: “Spanje staat op, een nieuw IJsland”, “Ons model: IJsland”, aldus een paar slogans die afgelopen zondag werden gescandeerd.

500 organisaties uit allerlei sectoren zijn aangesloten

De IJslanders lieten het er destijds niet bij zitten. Ze ondermijnden de regeringformaties, vervolgden bankiers die hen in het faillissement hadden gestort en stemden [in maart 2010, red.] perreferendum tegen terugbetaling van de schuld van 4 miljard euro aan Groot-Brittannië en Nederland [die de bank Icesave had vergaard, red.]. Sterker nog: ze hebben een comité van 25 gekozen burgers gevormd, die tot taak hebben om een staatshervorming te gaan leiden. Een stille revolutie, die parallel loopt met de ultieme wijze waarop de Arabische opstanden in de media komen. Dankzij de onverzettelijke stem van de sociale netwerken worden deze opstanden immers niet vergeten.

Toch zijn het niet alleen de burgers van IJsland, een land met 320.000 inwoners, die oproepen tot een werkelijke democratie. In Spanje is de overkoepelende organisatie voor het mobiliseren van mensen ¡Democracia Real Ya! ['Echte Democratie Nu!', red.] genoemd. Deze federatie heeft een lijst met 40 voorstellen opgesteld die variëren van het controleren van de afwezigheid van parlementariërs tot het terugdringen van uitgaven voor militaire doeleinden.

Bij deze federatie zijn inmiddels al bijna 500 organisaties aangesloten uit allerlei sectoren, maar geen enkele politieke partij en ook geen enkele vakbond. Er ontstaan steeds meer demonstraties zonder duidelijke rode draad zoals destijds wel het geval was voor de mensen die zich schaarden onder de vlag van de antiglobalisering of het andersglobalisme en die nu, tien jaar nadat ze lid werden van het World Social Forum in Porto Alegre (Brazilië), zich gematigder ontwikkelen dan toen ze het zeer elitaire World Economic Forum in Davos trotseerden.

Als we later groot zijn, zijn we IJslanders!

Dit alles gaat vandaag de dag in een razendsnel tempo dankzij internet, dat ervoor zorgt dat de echo van ongenoegen zich uitbreidt en dat nu al de weg heeft geëffend voor cyberactivisme van groepen als Anonymous, die van zich deed spreken tijdens de verdedigingscampagne [van de medeoprichter van WikiLeaks, red.] van Julian Assange tegen grote groeperingen als PayPal en Visa.

Internet heeft ook de explosie aan opstanden in de Arabische wereld ondersteund, door de opstandelingen in staat te stellen de censuur onder de dictaturen in Tunesië en Egypte te omzeilen. Revoluties die zich steeds verder zijn gaan uitbreiden, volwassen zijn geworden, terwijl jonge Fransen, Italianen, Britten en Grieken de straat op gingen om te protesteren tegen de door Europa gewenste bezuinigingsplannen en een halt toe te roepen aan de zware recessie. Spanje heeft zijn kans afgewacht.

De eerste opstand was afkomstig van Nolesvotes [‘Stem niet op hen’, red.], een oproep aan kiezers om geen stem uit te brengen op de Spaanse politieke partijen PP, PSOE of CiU, die ervan worden beschuldigd dat ze van de kieswet profiteren om zich in het parlement staande te houden met "een voor Spanje alarmerend niveau van corruptie".

Vervolgens kwamen er oproepen aan het parlement van Spaanse bewegingen als Avaaz en Actuable, om te zorgen dat er geen enkele politicus op de kieslijsten zouden komen te staan die in affaires was verwikkeld. En op 7 april hebben bijna 2.000 jongeren meegelopen in de demonstratie georganiseerd door Juventud sin Futuro [‘Jongeren zonder Toekomst’, red.], een soort voorbode van de populaire protestbetuigingen die op 15 mei in alle Spaanse steden tot uitbarsting kwamen.

Als we later groot zijn, zijn we IJslanders!” scandeerde een van de gangmakers tijdens de demonstratie op 15 mei voor een stoet jongeren en iets oudere jongeren, ouders en kinderen, studenten en arbeiders, werkelozen en gepensioneerden. IJsland heeft heel wat zaterdagen nodig gehad voordat de burgers de veranderingen kregen die ze hadden geëist. Op dit moment heeft Spanje zijn eerste zondag demonstreren achter de rug, en een dinsdag, maar de weg is ongetwijfeld nog lang.

Factual or translation error? Tell us.